Recent Work

  • De Lange Reis

    In De Lange Reis naar het Zesde Zegel ontmoet ik het zielemeisje Irana en haar moeder. Zij zijn verdronken, en nemen mij mee in hun wereld van stervende zielen. Daar begint een reis naar de toekomst van de wereld, en het verleden en de toekomst van mijzelf, en mijn eigen ziel.

     

    Read more... De Lange Reis  
  • Wachten op de hel of waar is kleine misha

     

     

     

     

     

     

     

     

    Een reis naar het toen van Buchenwald, Auschwitz en Hitler. Zes jaar lijden, lijden van de ziel, de zielemensen, en de ontmoeting met mijzelf.

     

     

    Read more... Wachten op de hel of waar is kleine misha  

Het Boek dar-is-San-Uan-San  

 

23-01-04

 

Bar-nos-soem-imis-dar-is-San-Uan-San.

En de heer der daden der zeven cirkels leidt den mens door zijnen sprekers. Want het pad der zielen voert tot zeven toppen en zevenmaal cirkelt den mens want zijnen daden volgen Mijn Beweging ter poling. En zo is elken daad der ziel in raking tot den heer  San-Uan-San, zeven tot daad zeven, zeven tot ziel zeven. En in elke cirkel rust den zuivering tot Mijnen Beweging en in elke cirkel rust den  Bor-soem-ton-yal   , den raking der ziel tot den daden der mensen ter duister. En den ziel cirkelt want hij bewaart het Licht en is aldus in binding tot de kern der cirkel, den punt, de opening tot de Wijdte in zuiverste, den punt tot kruising der dimensies, tot den eindigheid der poling tot niet-poling. En voert den ziel zich buiten den cirkel door den

   Bar-soem-ton-yal  , zo blindt hij zich tot den mensen ter duister en blindt hij zich tot het Licht.

En den dar-is-San-Uan-San spreke tot u van den daden der zeven cirkels opdat den ziel tot den mensen zijnen daden brengt ter duister.

 

26-01-04

 

En den heer San-Uan-San regeerde over de aarde in de tijd van Echos van Sar. En hij was in de geest van de vijf heren van Sar en hij was in de poelen des Lichts. En toen de Barion ter aarde viel van den neser sloot den heer San-Uan-San de poelen des Lichts en zij versteenden tot het stof der aarde.

En den mens komt ter duister door den geboort en steent in het stof zijnes vlezes. Maar den ziel bewaart het Licht en aldus den stroming ter stening. En toen de aarde zich duisterde kwam den heer San-Uan-San tot Mij en ontving den    Bor-bro-ton-bro-dan-San-Uan-San-dan-yal  ,

Hij ontving den stroming ter stening en ontving den hering over de daden der zeven cirkels des karma’s.

 

30-01-04

 

En zeven cirkels schrijdt den mens en zeven cirkels schrijft den mens, den regels in het Boek. En de ziel staat tot zijnen karma en zijnen karma voert hem door zeven cirkels. En de dar-is-SanUan-San, de Stem der Stroming voert hem door zeven cirkels. En den trechter gelijk zijn den zeven cirkels verbonden door den zeven keringen der zeven toppen. Want den ziel voert den mens ter duister en den ziel voert den stroming ter stening. En zonder ziel geen stroming en zonder ziel geen karma. En de trechter mondt ter punt als de toren van den treden der mens mondt ter hemel, mondt ter poort der Wijdte in zuiverste.

 

09-02-04

 

Zoals den mens cirkelt op zijnen benen zo cirkelt den mens aan deze en gene zijde. En zoals men wankelt als men stopt zo wankelt het karma des mensen aan deze en gene zijde als de beweging der cirkel stopt.

Want den mens is door zijnen ziel in Tegenstroom en den mens is door den intentie zijner karma in Tegenstroom. Maar den mens raakt in verzoeking door zijnen lijden en geraakt in verzoeking door zijnen angsten en geraakt tot den stroom, den stroom des duisters.

   Bor-emoech-Kan-san-ton-yal   . En zevenmaal ligt er den verzoeking door den kan, zevenmaal ter kering der ziel, zevenmaal in den daden der mens en de daden der ziel aan deze en gene zijde ter duister. En zevenmaal keert den ziel en zevenmaal cirkelt den mens tot zijnen ziel in zijnen karma. En den mens komt tot stof en den mens gaat uit den stof in den uitstoot der materie zevenmaal.

 

En in den eersten cirkel is er den stof en niets dan den stof want den mens gaat in den Xenos en zijnen ziel weent. En zijnen ziel weent want het Licht is hem ontnomen ter Xenos. En den mens vermag raken het stof en vermag raken het vuur ter eersten cirkel zonder binding tot zijnen ziel.

En zie hier, het karma komt ter poling en het karma stelt zich ter poling door het vuur. En den ziel is in zijnen eersten cirkel en den mens raakt zich tot het stof en raakt zich tot niets dan het stof. En den mens raakt zich tot het vuur en raakt zich tot niets dan het vuur. En den ziel weent, want aan gene zijde der Moloch is zij verweest want zij raakt niet tot den mensen zij raakt niet tot het vlees dan door het vuur. En den mens keert zich tot het as en brandt zijnen vlees zevenmaal en in zevenmaal komt den mens tot den   Sa-nach-bor-Moloch-dan-yal . Den mens in raking tot het vuur geraakt tot den scheiding van genen zijde door zijnen daden in het vuur en leert den grens van het stof en leert den Moloch door het as en leert den Moloch door den dood.

En in den eersten cirkel zijn den daden des mensen door het vuur tot het stof en alleen tot het stof dan door den verbranding. En den verbranding door het vuur is den raking des mensen tot den Moloch en tot zijnen ziel en tot het Licht Mijner Beweging.

Zo neme tot u het Boek dar-is-San-Uan-San en lere u van den daden des mensen tot zijnen ziel door den zeven cirkels door den heer San-Uan-San.

 

19-02-04

 

Zo keert den cirkel zich en keert en keert. En in het beeld des mensen stopt zijn lijn in den dood. Maar in het beeld uit den geboort weet den mens van het Licht want zijnen ziel is hem machtig. En den mens keert weer ter Xenos en steent door al wat hem omringt. En al wat hem omringt is zijnen beeld. En al wat hem omringt is ter stof want den stening der materie is zijnen beeld en zijnen ijking. En al wie hem omringt zijn ter stening en zijnen beeld raakt af ter stroming. En zijnen ziel verliest de macht in den derde maan ter duister en zijnen ziel weent want het Licht is den mens ontnomen ter Xenos. Doch den moeder houdt zich het kind ter hart en zijnen moeder heeft het kind in raking tot het Licht en troost. En zo betreedt het kind den tweeden cirkel en wordt mens ter stof.

   Bar-san-Emoech-dan-san-yal   . En het kind raakt den ziel en den mens raakt den ziel want zij gaan ter verzadiging der materie. Want in den tweeden cirkel zijn de daden der mens tot het einde der stof want eens is deze verzadigd. En al zijnen daden ter tweeden cirkel zijn één tot zijnen daden der eersten cirkel want zij zijn ter stof en zij zijn ter vuur. En den mens leert ter tweeden cirkel van den scheiding des levens en dood en den raking tot het stof en den raking tot den ziel. En zijnen daden nemen op tot den ziel en het stof zal zich richten ter verzadiging. Want het stof is ter lering en niet ter ketening want in den verzadiging verliest zij haren vorm. En het stof vormt het beeld des mensen in den eersten cirkel en den verzadiging vormt het beeld des mensen in den tweeden cirkel.

Zoals den mens enen stok neme en het kenne zijnde het hout. En zoals den mens het hout neme en het kenne zijnde de stok. Want den mens treedt uit den raking van het stof en herkent het zijn der stof tot zijnen karma in den tweeden cirkel. En den moeder reikt het kind het hout en brengt het kind den stok der tweeden cirkel op dat het kind herkent den stok als het zijn van het hout voor zijnen karma.

En den daden der mens in den tweeden cirkel staan tot zijnen ziel en aldus tot zijnen karma in den verzadiging der materie.

Zo zegge het Boek dar-is-San-Uan-San en geven u het weten der Stem der Stroming.